Nieuwe locatiemanager Elzenburg vanaf 2021

Publicatiedatum: 
16 dec 2020
Elzenburg heeft met ingang van het nieuwe jaar een nieuwe locatiemanager. Sander Pieters stelt zichzelf voor.

‘Preventief jeugdwerk is heel belangrijk. Vanuit mijn rol ga ik Elzenburg nog sterker op de kaart zetten. Een win-win situatie voor iedereen.’

‘Ik ben een geboren en getogen Vughtenaar en woon met mijn vrouw en twee kinderen van 10 en 8 nog steeds met veel plezier in Vught. Ik heb gesolliciteerd op de functie van locatiemanager, omdat in deze baan twee dingen samenkomen. Namelijk mijn betrokkenheid bij het Vughtse jeugdwerk (ik was tot 1 oktober 2020 voorzitter van Jeugd Aktief) en mijn professionele ervaring.

Preventief jeugdwerk

De afgelopen 15 jaar heb ik gewerkt bij welzijnsorganisatie ContourdeTwern. De eerste vijf jaar als jongerenwerker in Gilze-Rijen, Berkel-Enschot / Udenhout, Oisterwijk / Moergestel en de laatste tien jaar in de gemeente Heusden in verschillende functies. Door alle verschuivingen in zorg en welzijn is het nog zichtbaarder geworden hoe belangrijk jeugdwerk is. Als een kind of jongere prettig op kan groeien en zijn talenten kan ontwikkelen, is de kans groter dat hij zich ontwikkelt tot een sterke en zelfstandige volwassene. De organisaties in Elzenburg dragen daar een grote steen aan bij. 
 

Leuke ideeën of plannen?

De oprichting van het jongerenbestuur Elzenburg is ook zo’n goede ontwikkeling. Ik geloof dat jongeren prima zelf in staat zijn te bedenken wat ze willen. Onze rol, die van organisaties in hun omgeving, is het om ze daarin uit te dagen en vervolgens te helpen en faciliteren daar waar nodig. Dus: heb jij leuke ideeën of plannen? Loop even binnen! Dan gaan we samen aan de slag. Die oproep geldt natuurlijk ook voor organisaties in het algemeen die een fijne plek of inhoudelijke aansluiting zoeken. Ik ben ook bereikbaar via manager@elzenburg.com

Win-win situatie

Ik hoop vanuit mijn rol de synergie verder aan te kunnen jagen en zo samen Elzenburg nog sterker op de kaart te zetten. Daar profiteren alle betrokken organisaties van, maar de Vughtse jeugd en jongeren nog het meest.’